Wan Toe Frie

persoonlijke blog van Frieda Gijbels

Op een dag vol internationaal conflict en zappen tussen nieuwszenders, besloot ik even te gaan joggen. De laatste jaren is dat mijn manier om te resetten. De blik op de horizon en de gedachten op oneindig. Vandaag luisterde ik tijdens het joggen naar Radio 1. Een heruitzending was het, denk ik, met een interview met Leo Timmers, auteur van kinderboeken met prachtige prenten. Wat een schitterende job. Ik heb niet zo snel bewondering voor iemand. Maar ik vind het wel sterk dat sommige mensen dapper genoeg zijn om volop voor kunst te durven gaan. Want het is een moeilijke wereld, waar je van project tot project leeft, moet rekenen op inspiratie en alleen maar kan hopen dat je creaties aanslaan. En gelukkig maar, dat sommige mensen dat durven. Hoeveel saaier zou ons leven anders zijn.

Ik hoorde in dat interview dat de Jeugdboekenmaand vandaag van start gaat. Goed initiatief. Het katapulteerde me terug naar mijn eigen kindertijd. Ik was een notoir boekenverslindster. Er bestaat ergens een foto van mij in een spijlenbedje, omringd door boeken in plaats van knuffels. Het zou tegenwoordig waarschijnlijk niet meer mogen. Het begon natuurlijk met van die prentenboeken. Of leesboeken met veel tekeningen in. Ik herinner me die tekeningen nog zo goed. De boeken van Richard Scarry. Of Pippi Langkous. Helemaal gek was ik van de tekeningen van Fiep Westendorp voor de boeken van Annie M.G. Schmidt. Otje. Pluk van de Petteflet. Of de tekeningen van Quentin Blake voor de verhalen van Roald Dahl. Verslonden heb ik ze. En keer op keer opnieuw gelezen. Het is niet voor niks dat ons middelste kind Roald heet.

Het zijn hele werelden die worden geschapen door kinderboekenauteurs en -illustratoren. Ik kon daar uren in verdwijnen. De grote mensen waren soms kwaad op mij omdat ik maar bleef lezen en niet buiten wou gaan spelen, kan je je dat voorstellen? Dat is zoals je tegenwoordig kinderen van achter hun gamecomputer moet trekken om naar buiten te gaan. Onze kinderen hebben ook wel redelijk veel gelezen. De truc was dat ze nog mochten lezen als ze gingen slapen. Eigenlijk onbeperkt, volgens mij. Geen ruzie over slapengaan. En ondertussen werden er toch heel wat boeken verorberd. Geronimo Stilton bijvoorbeeld. Vrij snel werden er ook Engelstalige boeken gelezen. Kon ik mee leven. Als ze maar lazen.

Maar de schermen hebben op een gegeven moment het pleit gewonnen. Tot mijn grote ergernis. Soms liep het ook echt wel de spuigaten uit. En ging ik uit onmacht – ik moet eerlijk zijn – wel eens over de rooie. Ik heb van die grote gamecomputers verstopt op de meest onmogelijke plaatsen. Ik heb ze uit pure ellende mee naar het werk genomen, heb ze half gedemonteerd, heb er tegen geroepen, ze ooit zelfs bijna uit het raam gekeild.

TikTok was de volgende bron van ergernis. Gemaakt om te verslaven. En je staat er machteloos naar te kijken. Als ouder ken je er ook gewoon te weinig van. Het gaat te snel. Je kan er niet altijd bij staan om te controleren.

Maar eigenlijk vind ik dat het weinig zin heeft om als ouder boos te worden op onze jeugd. Het is onze generatie die al die spullen heeft bedacht en op de markt gebracht. Het is wel nodig om bij de pinken te blijven en na te denken hoe we ermee om willen gaan.

Sociale media zijn niet alleen slecht. Kinderen bouwen er hun eigen gemeenschap mee op, met een eigen taal en eigen gebruiken. Volgens één van onze kinderen is er zelfs een breuklijn tussen wie 12 jaar of ouder was toen TikTok op de markt kwam en wie nog jonger was. De TikTok generatie heeft blijkbaar een heel eigen woordgebruik, dat onze oudste kinderen ook niet helemaal meer kunnen volgen. Kun je nagaan.

Misschien valt er trouwens ook wel iets te zeggen over de manier waarop wij, ouders, sociale media gebruiken. Daar hebben de kinderen alleszins veel commentaar op. We delen veel te veel privé zaken volgens hen. Zelf doen ze dat veel minder. We zitten als ouder natuurlijk ook veel te veel uren op ons scherm te turen. Enfin. Ik toch. Die gsm is een verlengstuk van onszelf geworden. Ik ben eens zonder telefoon naar Brussel vertrokken. Het voelde alsof mijn hele arm geamputeerd was én een stuk van mijn hersenen erbij.

Maar dat verslavende, van bijvoorbeeld TikTok, dat is wel iets om ons zorgen over te maken. Ook over bepaalde inhoud. Ik had het er vandaag nog over met één van de kinderen, toen ik vroeg of we TikTok zouden moeten verbieden. Niet noodzakelijk, zei hij. Maar er is wel betere regelgeving nodig rond verslavende algoritmes.

En. Uiteindelijk heeft #BookTok er ook voor gezorgd dat meer kinderen zijn beginnen te lezen.

Dus – en daar ging ik deze blog eigenlijk over schrijven – ik hoop van harte dat kinderen van vandaag en morgen nog steeds betoverd zullen worden door boeken. Dat ouders er plezier in blijven hebben om voor te lezen en de mooiste boeken uit te zoeken voor hun kroost.

En dan vraag ik mij af. Zo’n Poetin. Of zo’n Trump. Zo’n Xi Jinping.

Zij zitten aan de knoppen van de verslavende algoritmes, het nepnieuws en de massale beïnvloeding en proberen zo de wereldorde te verstoren en naar hun hand te zetten.

Zouden zij vroeger ook hebben weggedroomd in kinderboeken? Welke boeken zouden zij vroeger mooi hebben gevonden? Welke illustraties herinneren zij zich nog? Lezen zij voor aan hun kinderen en kleinkinderen? En hoe zit het met hun schermtijd?

Goed. Boeken zullen de wereld niet redden. Maar een universum met vooral schermpjes en perfide algoritmes al zeker niet.

Plaats een reactie